Naar de inhoud
Zetelen is net online. Wat vind je ervan? Zeg het in 3 minuten
Oppositiewerk

Wat kun je als je niet regeert?

Wat doe je als oppositie? Alleen maar tegen stemmen? Juist niet. Scroll door zestien jaar oppositiewerk, en kijk daarna zelf wie wat indiende.

1

Steeds meer moties

  1. 2010 tot nuIn 2010 stemde de Kamer over 1.359 moties. In 2025 over 3.889: 2,9 keer zoveel. Elke stip is 50 moties. 2026 is nog niet om.
  2. wie dient in?Het overgrote deel komt van de oppositie: in 2025 76% van alle moties. Kabinetspartijen hebben hun wensen al in het regeerakkoord staan.
  3. en wat haalt het?De heldere stippen zijn aangenomen. Van alle moties van de oppositie sinds 2010 haalde 38% het, van die van kabinetspartijen 90%. In 2010, 2011 en 2012 haalde 32% van de oppositiemoties het, in de laatste drie volle jaren 50%.
  4. 2 interpretaties · 1 van 2Meer invloed. De oppositie krijgt vaker iets binnen dan in 2010, en in aantallen meer dan ooit.
  5. 2 interpretaties · 2 van 2Inflatie. Moties vragen vaak weinig: een kabinet stemt makkelijk in met een onderzoek of een brief, en een aangenomen motie is nog geen uitgevoerd besluit.
2

Per kabinet

  1. wie dient in?Dezelfde moties, nu per kabinet. Elke stip is 50 moties. Onder elk kabinet komt 70 tot 85% van de moties van de oppositie.
  2. 3 · Hoe vaak lukt het?aangenomenAangenomen moties van de oppositie, per kabinet: Rutte I 31%, Rutte II 31%, Rutte III 35%, Rutte IV 41%, Schoof 54%, Jetten 50%.Aangenomen moties van de oppositie, per kabinet.
  3. minderheid of meerderheidMaakt het uit of het kabinet een meerderheid heeft? Nauwelijks: onder kabinet-Rutte I en kabinet-Jetten haalde gemiddeld 41% van de oppositiemoties het, onder de meerderheidskabinetten 40%. Wat wel verschuift, is de tijd: van 31% onder kabinet-Rutte I naar 50% onder kabinet-Jetten.
  4. 2 interpretaties · 1 van 2De oppositie wint terrein. Ze krijgt steeds vaker iets binnen, wie er ook regeert.
  5. 2 interpretaties · 2 van 2Haar moties vragen minder. Een verzoek om een brief of een onderzoek haalt het makkelijker dan een koerswijziging.
4

Tegenstemmen en zelf scoren

  1. kabinet-Rutte IElke stip is een fractie. Naar rechts: vaker tegen gestemd. Naar boven: meer eigen moties aangenomen. Een volle stip: in het kabinet; een holle stip: in de oppositie. Wat opvalt: wie regeert, stemt het vaakst tegen. Onder kabinet-Rutte I stemden de kabinetsfracties gemiddeld op 65% van de stemmingen tegen, de oppositie op 29%. Ze stemmen tegen de vele moties van de oppositie. In de oppositie stemde SGP het vaakst tegen (51%), en kreeg SGP naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (60%).
  2. kabinet-Rutte IIOnder kabinet-Rutte II: kabinetsfracties gemiddeld 64% tegen, oppositie 41%. In de oppositie stemde Van Vliet het vaakst tegen (66%), en kreeg SGP naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (56%). De lijnen volgen fracties die van rol wisselden.
  3. kabinet-Rutte IIIOnder kabinet-Rutte III: kabinetsfracties gemiddeld 50% tegen, oppositie 25%. In de oppositie stemde PVV het vaakst tegen (40%), en kreeg Fractie Den Haan naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (66%). De lijnen volgen fracties die van rol wisselden.
  4. kabinet-Rutte IVOnder kabinet-Rutte IV: kabinetsfracties gemiddeld 45% tegen, oppositie 28%. In de oppositie stemde FVD het vaakst tegen (45%), en kreeg NSC naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (89%). De lijnen volgen fracties die van rol wisselden.
  5. kabinet-SchoofOnder kabinet-Schoof: kabinetsfracties gemiddeld 46% tegen, oppositie 33%. In de oppositie stemde FVD het vaakst tegen (45%), en kreeg CU naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (90%). De lijnen volgen fracties die van rol wisselden.
  6. kabinet-JettenOnder kabinet-Jetten: kabinetsfracties gemiddeld 45% tegen, oppositie 34%. In de oppositie stemde PvdD het vaakst tegen (40%), en kreeg CU naar verhouding de meeste eigen moties aangenomen (93%). De lijnen volgen fracties die van rol wisselden.
  7. 2 interpretaties · 1 van 2Dwarsliggen. Wie vaak tegen stemt en zelf weinig binnenhaalt, ligt dwars.
  8. 2 interpretaties · 2 van 2Rol, geen houding. Tegenstemmen is wat een meerderheid doet met moties die ze niet wil. Kijk naar de lijnen: fracties verschuiven zodra ze gaan regeren, of ermee ophouden.
  9. 5 · Vaker samen dan je denktvan tegen naar samenTegenstemmen zegt veel over je rol. Wat je zelf indient, laat zien met wie je werkt. Dezelfde fracties, nu op een cirkel. Zo meteen betekent een lijn: samen een motie ingediend.
  10. kabinet-SchoofEen lijn: samen moties ingediend, hoe dikker hoe vaker; de 25 sterkste verbindingen staan in beeld. Oranje lijnen lopen tussen kabinet en oppositie. Onder kabinet-Schoof 4.495 keer over de grens, het vaakst CU met NSC (359 keer).
  11. kabinet-JettenEen lijn: samen moties ingediend, hoe dikker hoe vaker; de 25 sterkste verbindingen staan in beeld. Oranje lijnen lopen tussen kabinet en oppositie. Onder kabinet-Jetten 2.150 keer over de grens, het vaakst CDA met CU (148 keer).Wie dienden wat in? →
6

De wet zelf veranderen

  1. amendementenEen amendement verandert een wet direct. Het zijn er veel minder dan moties: elke stip is 10 amendementen. Ook hier dient vooral de oppositie in.
  2. wat haalt het?Aangenomen amendementen van de oppositie, per kabinet: Rutte I 23%, Rutte II 25%, Rutte III 20%, Rutte IV 30%, Schoof 39%, Jetten 34%. Het hoogste aandeel: onder kabinet-Schoof.Aangenomen amendementen van de oppositie, per kabinet. Het hoogste aandeel: onder kabinet-Schoof.Wie dienden de amendementen in? →
Nu jij

Wie diende wat in?

Achter elke stip zitten Kamerleden die iets indienden. Zoek ze op, per fractie en per kabinet, of kijk op een fractiepagina hoeveel zetelwerk die fractie verzette.

Naar de KamerledenNaar de fractiesZelf een meerderheid zoeken
Bron: Tweede Kamer open data, eigen berekening · Moties en amendementen waarover gestemd is; de uitslag is die van de Kamer; kabinet of oppositie op de dag van de stemming, gedoogsteun telt als kabinet. · Laatst ververst: 27 oktober 2026 om 11:30